woensdag 22 mei 2013


De Wereld Werkt in Arnhem is een blog van Peter Nijenhuis over beeldende kunst en ontwerp. Contact: pheenijenhuis@gmail.com


Foto: Ivonne Zijp

MARTIJN SCHUPPERS: VOORUITGANG IN DE KUNST

Categorie: interview
Onderwerp: beeldend kunstenaar Martijn Schuppers over zijn werk
Datum gesprek: 17 april 2013

Martijn Schuppers (Almelo 1967) studeerde eind jaren tachtig en begin jaren negentig aan de Groningse Academie Minerva en vervolgde zijn studie, eind jaren negentig, met een masteropleiding aan het Frank Mohr Instituut. Hij wordt in Nederland vertegenwoordigd door de Amsterdamse galerie VOUSETES ICI, woont en werkt in Groningen en geeft les op de kunstacademie waar hij zelf werd gevormd.

Heb je ooit overwogen om op te houden met schilderen?
Meer dan eens, maar op een of andere manier ben ik niet in staat geweest om aan het schilderen te ontkomen. Ik heb er ook wel aanleg voor. Als kind tekende ik al veel. Tekenen en schilderen naar waarneming gingen me op de kunstacademie gemakkelijk af. Dat had zo zijn gevolgen. Eind jaren tachtig was de kunstacademie nog verdeeld in kampen. Je had de figuratieven, zoals Matthijs Röling, die wilden aanknopen bij de traditie van de figuratieve schilderkunst, en het kamp van de afgeleide waarneming, de abstracten. Die kampen gingen niet altijd vriendelijk met elkaar om. Omdat ik behoorlijk kon tekenen en schilderen naar waarneming werd ik automatisch tot het eerste kamp gerekend. Ik werd beschouwd als een belofte voor de figuratie.

DE BEMIDDELENDE ONTWERPER

Er bestaan in Nederland grofweg twee soorten ontwerpers. De eerste soort wordt gevormd op een kunstacademie waar ook onderwijs wordt gegeven in disciplines als grafische vormgeving, vrije kunst en mode. De intellectuele horizon op een kunstacademie is de kunst- en ontwerpgeschiedenis. Tot voor kort begonnen aan kunstacademies opgeleide ontwerpers na hun studie veelal een eigen praktijk en ontwierpen ze vormgevingsproducten voor een betrekkelijk klein publiek van kenners en liefhebbers. De andere soort ontwerper wordt gevormd op wat vroeger de hts heette, de hogere technische school, en wat tegenwoordig de faculteit techniek van een hogere beroepsopleiding is. Verwante opleidingen zijn daar werktuigbouwkunde, technische bedrijfskunde, embedded systems engineering en elektrotechniek. De horizon wordt hier vooral bepaald door de ontwikkelingen in de techniek en de praktijk van het bedrijfsleven, zo lijkt het. Maar wat weten we werkelijk van ontwerpers zoals ze aan technische faculteiten worden opgeleid? Over hun werk is in krantenbijlagen en modetijdschriften niet zoveel te lezen. Hieronder volgen interviews met studenten en met de onderwijscoördinator van de opleiding Industrieel Product Ontwerpen van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen, met een aan die opleiding afgestudeerde ontwerpster, Lilian van Daal, en met de lector Duurzame Energie, Piet Sonneveld.

donderdag 24 januari 2013

ALFRED EIKELENBOOM: UTOPISCHE MODELLEN

Categorie: interview
Onderwerp: Alfred Eikelenboom over zijn werk en ontwikkeling als kunstenaar
Datum gesprek: 17 januari 2013

Alfred Willem Eikelenboom (1936, Tegal, Indonesië) kwam voor de Tweede Wereldoorlog met zijn ouders naar Nederland en groeide op in Den Haag. De kunstenaar, die tegenwoordig in Dordrecht woont, ontwikkelde in de jaren zestig zijn Utopische Modellen, verkenningen op de grens tussen architectuur en sculptuur, die hij in de jaren zeventig en negentig tentoonstelde in het Haags Gemeentemuseum en Museum Boijmans Van Beuningen. Alfred Eikelenboom realiseerde in 1987 op het Amsterdamse IJplein De Muur, een project in de openbare ruimte waarvoor hij werd uitgenodigd door toedoen van onder andere Rem Koolhaas, die de omringende nieuwbouw ontwierp. Voor zijn werk ontving Eikelenboom in 2002 de oeuvreprijs van het Fonds voor Beeldende Kunsten, Vormgeving en Bouwkunst.

SUBCULTUUR: Dagschotel, Rave Train, Camping Comfort Zone, PopupKlup en 8Bahn



Waarom aandacht besteden aan de lokale feest- en muziekscene op een blog dat gewoonlijk is gewijd aan beeldende kunst en ontwerp? Het antwoord is, omdat het in de muziek- en feestscene hoe dan ook gaat om smaakontwikkeling en, in het verlengde daarvan, om symbolische zelfbepaling, groepsvorming en afbakening tegenover andere groepen en smaken. De lokale feest- en muziekscene is met andere woorden een cultureel verschijnsel, weliswaar onderscheiden van traditionele, gevestigde culturele orde, maar daarom niet minder de moeite waard.


Cees van Dijk: Dagschotel
Datum gesprek: 19 december 2012

Cees van Dijk (1991) behaalde zijn vwo-diploma aan het Arentheem College in Arnhem en bezocht daarna de Vrije Hoge School in Driebergen. Cees van Dijk woont in Utrecht en in Arnhem en overweegt om volgend jaar muziekmanagement aan de HKU te gaan studeren. Hij is met Janai Shiboleth de organisator van Dagschotel, een maandelijkse gebeurtenis in het Arnhemse popcentrum Willemeen.

Hoe noem je jezelf, dj of zoiets?
Nee, zeker geen dj. Iedereen noemt zich tegenwoordig dj. Ik draai, maar ik organiseer ook.

donderdag 8 november 2012

ROSEMIN HENDRIKS: IN HET TEKENEN NAAR AANLEIDING VAN MIJN EIGEN HOOFD, KOM IK ALLES TEGEN WAT IK ALS KUNSTENAAR NODIG HEB



Categorie: interview
Onderwerp: Rosemin Hendriks over de rol die vorm, psychologie, uitdrukking en visuele effecten spelen in haar zelfportretten
Datum gesprek: 13 september en 1 november 2012

Rosemin Hendriks (Velp 1968) studeerde van 1987 tot 1992 aan de afdeling Vrije Kunst van de Arnhemse kunstacademie en van 1992 tot 1994 aan De Ateliers in Amsterdam.

EXTRA: FIAC PARIJS, KIJKEN TOT JE NIETS MEER ZIET


Categorie: fotoverslag
Onderwerp: Foire Internationale d‘Art Contemporaine (FIAC) Parijs 18 tot en met 20 oktober 2012
Auteur: Marlies Levels

De Foire Internationale d‘Art Contemporaine (FIAC) in Parijs is een van de vele handelsbeurzen van hedendaagse en moderne kunst die de laatste decennia in Europa en Amerika worden gehouden. Dit jaar vond de beurs voor de 39ste keer plaats in de gerenoveerde en in 2004 opnieuw in gebruik genomen grote hal, le Grand Nef, van het Grand Palais.

FIAC haalt het niet bij Art Basel, zeker niet alleen in mijn ogen numeriek en kwalitatief de beste kunstbeurs, maar neemt met andere kunstbeurzen zoals Arco Madrid, Frieze in Londen of Artissima in Turijn, een goede tweede plaats in. FIAC trekt veel vooraanstaande internationale galeristen, maar heeft een onmiskenbaar Frans accent. Van de ongeveer 180 deelnemende galeries kwamen er dit jaar rond de 60 uit Frankrijk en voornamelijk uit Parijs. De populariteit en de kwaliteit van deze beurs is ten opzichte van Frieze de laatste twee jaar aanzienlijk gestegen.